Het straffende bestuur

Het straffende bestuur

Samenvatting

De aflevering van Justitiële verkenningen van september 2005 richt de aandacht op het verschijnsel dat er in Nederland steeds meer wordt gestraft buiten de rechter om. Enerzijds gaat het om bestuursorganen die boetes uitdelen. Circa zestig wetten kennen in 2005 al de mogelijkheid van een bestuurlijke boete als afdoeningsvorm. Maar ook langs een andere weg wordt geprobeerd de inschakeling van de rechter te vermijden, namelijk door het Openbaar Ministerie – onder beperkingen en voorwaarden - een zelfstandige sanctiebevoegdheid te geven. Begin 2005 ging de Tweede Kamer akkoord met het wetsvoorstel O.M.-afdoening. De verschillen met de al veel langer bestaande transactiebevoegdheid van het O.M. worden in dit nummer belicht. Ook de mogelijke gevolgen van de invoering van de O.M.-afdoening voor de rechtsbescherming, de openbaarheid en de machtspositie van het O.M. en de politie komen in dit nummer aan bod.Daarnaast is er veel aandacht voor ‘het straffende gemeentebestuur’, ofwel de wetsvoorstellen bestuurlijke boete overlast in de openbare ruimte en bestuurlijke boete fout parkeren en andere lichte verkeersovertredingen. Gemeentebesturen krijgen – als zij dat wensen – de bevoegdheid verleend boetes op te leggen voor overtredingen van de Algemene Plaatselijke Verordening en voor parkeer- en andere lichte verkeersovertredingen. Hiermee zou een betere naleving van regels moeten worden bereikt. Maar er is nogal wat kritiek op deze voorstellen. Steeds meer instanties bemoeien zich met de handhaving. Nog afgezien van juridisch-technische problemen dreigt een zeer onoverzichtelijke situatie te onstaan voor de burger, met als gevolg dat de rechtsbescherming onder druk komt te staan.Volgens de redactie zou het kortzichtig zijn deze wettelijke ingrepen louter te zien als maatregelen ter bevordering van een grotere efficiëntie in de rechtspleging. De veranderingen worden namelijk niet voor niets doorgevoerd in een tijd waarin de roep om striktere handhaving en strengere straffen luid klinkt. Verscheidene auteurs wijzen erop dat naleving van regels ook op andere manieren kan worden bevorderd en dat er grenzen zijn aan hetgeen met handhaving en boetes te bereiken valt.

Inhoudsopgave

Voorwoord

  1. Gemeenten, boetes en kleine ergernissen - J. Terpstra en T. Havinga
  2. Reikwijdte bestuurlijke boete is te beperkt - J. van der Pal en H.M.G. Slangen
  3. De bestuurlijke boete en het verlangen naar handhaving - A.C. Berghuis
  4. Wet bestuurlijke boete: recht doen aan gemeentelijke autonomie - A.G. Mein
  5. Zero tolerance in de praktijk; handhaving van de 'kleine norm' door politie of boa's - B.A.M. van Stokkom
  6. De bestuurlijke boete als remedie tegen handhavingstekorten - F.C.M.A. Michiels
  7. Bestuurlijke boetes: extra werk voor de rechtspraak? - M.D. van Ewijk en E. Niemeijer
  8. Strafbeschikking en bestuurlijke boete: wildgroei in de handhaving? - A.R. Hartmann
  9. Het O.M. beschikt tot straf; een strafrechtelijk novum - J. van Zijl
  10. Geregisseerde openbaarheid; het O.M. en de zichtbaarheid van transacties - M. Malsch
  11. Plea bargain en O.M.-afdoening als functionele equivalenten? - J.F. Nijboer          

Boekrecensie - J. de Ridder over het rapport 'Handhaven en gedogen' van de Algemene Rekenkamer
Internetsites
Summaries
Journaal
WODC-rapporten

Publicatiegegevens

Organisatie(s):
WODC
Plaats uitgave:
Den Haag
Uitgever:
WODC
Jaar van uitgave:
2005
Reeks:
Justitiële verkenningen 2005/06