Veel en gevarieerd: Terugblik op het WODC ABC Congres - 18 mei 2017

Deze hoofdrubriek bevat 10 rubrieken:

Veel en gevarieerd: Terugblik op het WODC ABC Congres - 18 mei 2017

Ruim driehonderd belangstellenden bezochten het WODC ABC Congres op 18 mei in het zalencomplex van New Babylon in Den Haag. Het congres was een samenwerking tussen WODC, het Innovatieteam en de Centrale Eenheid Strategie van het ministerie.

Veel en gevarieerd, was het motto van de organisatoren: bezoekers konden zich bij meer dan 25 interactieve sessies in de vorm van themabijeenkomsten, debatten, speeddates of kennisquizzen een beeld vormen van het WODC-onderzoek. De onderwerpen van al deze bijeenkomsten staan kort beschreven in het programmaboekje (zie: bijlage) dat iedere bezoeker bij binnenkomst ontving.

Dagpresentator Malou van Hintum opende het congres met een kort interview met WODC-directeur Frans Leeuw, waarna de eerste van de drie plenaire sessies van start kon gaan. Onderzoeker Charlotte Barendregt vertelde het publiek over de monitoring en evaluatie van een vrij nieuw onderdeel van het strafrecht, het adolescentenstrafrecht. In de praktijk blijken rechters nog maar mondjesmaat jongvolwassen justitiabelen volgens het adolescentenstrafrecht te berechten. Isabeth Mijnarends (landelijk jeugd-OvJ en bijzonder hoogleraar jeugdstrafrecht in Leiden) sprong vervolgens op het podium om uit te leggen waarom de toepassing van het adolescentenstrafrecht stokt. Het jeugdstrafrecht zou de regel moeten worden bij jongvolwassenen en niet de uitzondering, zo poneerde zij. De kubusmicrofoon vloog van de ene naar de andere kant van de zaal voor vragen en reacties op deze stelling.

Vervolgens zwermde iedereen uit naar de parallelsessies over o.a. Darkweb, de glazen bol van Google en Facebook, privacy in het Big Data tijdperk en Legal Logistics in de justitieketen. De quiz over gedragsbeïnvloeding op het terrein van criminaliteitspreventie, onder leiding van Maureen Turina (WODC), trok zo’n dertig mensen. Via een op hun mobiele telefoon geïnstalleerde app gaven zij antwoord op de meerkeuzevragen. Een rode loper in een winkelstraat, wat doet dat met het gedrag van mensen?

Ook aan liefhebbers van ‘kort maar krachtig’ was gedacht: zij konden in de aangrenzende loge terecht voor speeddates met verschillende WODC-onderzoekers. In recordtijd waren zij weer helemaal op de hoogte, of het nou ging om mensenhandel in de seksindustrie, de tbs-maatregel, of bijzondere opsporingsmethoden.

In het tweede ochtendblok boden Frans Beijaard en Annelies Daalder een kijkje in de keuken van de afdeling Extern Wetenschappelijke Betrekkingen (EWB): hoe geschiedt de selectie van offranten voor onderzoek dat wordt uitbesteed door het WODC? Frans Beijaard verklapte dat EWB inmiddels beschikt over een database van 370 onderzoeksbureaus/organisaties en meer dan 900 onderzoekers.
Ondertussen was in een belendende zaal veel belangstelling voor onderzoek naar mindfulness in detentie. Lacherig wordt daar inmiddels niet meer over gedaan, want een pilot wijst uit ‘dat mannelijke gedetineerden best wel indrukwekkend tot rust zijn gekomen’. Ook de themasessies over politiecultuur en huiselijk geweld en kindermishandeling werden goed bezocht.
Rik Beerthuizen (WODC) vertelde tijdens de sessie ‘Jeugdige daders en de cyberwereld’ over de lancering van het computerspel Grand Theft Auto V en de gelijktijdig waargenomen daling van de jeugdcriminaliteit.

Behalve broodjes bevatte het lunchprogramma een toespraak van secretaris-generaal Siebe Riedstra, gewijd aan de presentatie van Strategische Kennis- en Innovatie Agenda (SKIA) van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Ook secretaris-generaal Wim Geerts van Defensie sprak enkele woorden naar aanleiding van de voorgenomen samenwerking van de twee ministeries op het gebied van kennis en innovatie.
Tussen de bedrijven door namen veel mensen een kijkje op de informatiemarkt, waar posterpresentaties over lopend en afgerond WODC-onderzoek te zien waren. Op het zogeheten Demonstratieplein gaven enkele onderzoekers demonstraties van methoden en websites. Dat varieerde van de interactieve webapplicatie REPRIS (met recidivestatistieken) en zelfmetingen in een justitiële setting (Quantified Self) tot serious gaming en datamining. Er was ook een presentatie te zien van het in ontwikkeling zijnde webplatform Criminaliteit in Beeld, dat op termijn alle cijfers over Criminaliteit en Veiligheid in Nederland zal bevatten.

Mythes en misverstanden stonden centraal bij de eerste plenaire sessie ’s middags over biocriminologie. WODC-onderzoekers Katy de Kogel en Liza Cornet betoogden dat het lastig is om neurobiologische kennis in de justitiepraktijk toe te passen zolang er zoveel misverstanden blijven bestaan over de relatie tussen neurobiologie en criminaliteit. Het idee bijvoorbeeld dat antisociaal gedrag vastligt in de genen? Dat klopt niet, zei Liza Cornet. Bepaalde genetische kenmerken vormen hoogstens een risicofactor. Een liefdevolle opvoeding kan die genetische aanleg volkomen compenseren. En dat geldt omgekeerd eveneens. Ook het idee dat onderzoek naar biologische kenmerken duurder en ingewikkelder is dan onderzoek met behulp van vragenlijsten verwees Liza Cornet naar het rijk der fabelen.
Sunil Choenni en Johan van Wilsem van het WODC verzorgden de laatste plenaire sessie: ‘Safe and cyber?’ Sunil Choenni beklemtoonde dat de menswetenschappen wel degelijk een belangrijke rol kunnen spelen op het terrein van cybersecurity. Veel cybercrime wordt mogelijk gemaakt doordat computergebruikers bepaalde – domme – beslissingen nemen. Werken met verouderde besturingssystemen bijvoorbeeld, of tegen alle adviezen in linkjes aanklikken in emailberichten van onbekende afzenders. Johan van Wilsem wees erop dat we bij cybercrime te maken hebben met een nieuw type dader. Cybercriminelen zijn niet impulsief en niet laag opgeleid, het zijn slimme daders. Het is voor politie en justitie een uitdaging om daarmee om te gaan.

Bij de parallelsessies ’s middags was er weer veel ruimte voor kennisquizzen en debatten. Daarnaast waren er interessante themasessies over offline en online slachtofferschap, de haken en ogen die zitten aan effectstudies, datakwaliteit, Real Time Intelligence, georganiseerde criminaliteit en rechtshandhaving en de uitbuiting van minderjarigen in de criminaliteit in Nederland.

Marianne van Ooyen (tot voor kort WODC-medewerker) en Lars Heuten (WODC) testten de kennis van de aanwezigen over cannabis en coffeeshops met wel heel moeilijke vragen, zodat de afvalrace spoedig was beslecht. Vervolgens sprak Marianne van Ooyen over het coffeeshopbeleid, de voordeur-achterdeurproblematiek en de immer oplaaiende discussie over regulering van de cannabisteelt en –handel. Als theatraal element had de spreekster een glazen bol meegenomen waarin zij zag dat de coffeeshops in Nederland nog wel een tijd zullen bestaan. Ook de WODC-onderzoeksafdeling RWI had een quiz samengesteld: ‘Wat weet u over asiel en migratie?’ Vervolgens hielden zes onderzoekers een pitch over hun bevindingen.

Bij de debatsessies, geleid door Malou van Hintum, ging het er vaak stevig aan toe. Op basis van hun mening over een stelling namen de deelnemers aan de ene kant van het lokaal plaats of aan de andere kant, waarna de discussie kon beginnen. Halverwege werd gecheckt of mensen van mening waren veranderd en dus de overstap naar de andere zijde moesten maken. Tijdens de sessie over de rol van de raadsman bij het verhoor liepen de emoties hoog op. Verschillende aanwezige officieren van justitie en politiemedewerkers waren van mening dat een deel van de verdachten door de aanwezigheid van een advocaat onterecht aan vervolging ontkwam. Anderen vonden echter dat de aanwezigheid van de advocaat juist bijdroeg aan de kwaliteit van het verhoor.

En toen was het tijd voor de borrel. De WODC’ers kijken terug op een levendig, interessant en goed bezocht congres.