Betalingsregeling bij schulden nog niet vanzelfsprekend

Betalingsregeling bij schulden nog niet vanzelfsprekend

In het regeerakkoord is afgesproken dat er wordt gekeken naar de juridische afhandeling van schulden. Daarom onderzochten onderzoekers van het Lectoraat Schulden en Incasso van de Hogeschool Utrecht, de Landelijke Organisatie Sociaal Raadslieden en Panteia in opdracht van het WODC in welke mate private schuldeisers (haalbare) betalingsregelingen treffen en hoe een gang naar de rechter kan worden voorkomen. De onderzoekers constateerden dat een betalingsregeling geen vanzelfsprekendheid is en dat schuldeisers dit middel heel verschillend toepassen.

Wanneer een schuld niet wordt betaald lopen de vorderingen snel op. Hoewel een groeiende groep schuldeisers graag maatwerk zou willen leveren in het afspreken van een betalingsregeling, hebben zij hiervoor vaak te weinig inzicht in de omstandigheden van de debiteur. Zo komt het voor dat een schuldeiser beslag legt op het inkomen terwijl er bij een andere schuldeiser een betalingsregeling loopt die dan niet meer nagekomen kan worden. Schuldeisers die de afgelopen jaren meer ruimte zijn gaan geven in het opstellen van een haalbare betaalregeling merken dat de ruimte die zij geven vaak direct wordt ingenomen door andere schuldeisers die wel druk zetten.

Lees het volledige rapport: Betalingsregelingen - bevorderen van haalbare betalingsregelingen bij private schuldeisers

Kwetsbaarheden

Problematische schuldenproblematiek gaat vaak samen met één of meerdere kwetsbaarheden, zoals laaggeletterdheid, een licht verstandelijke beperking, sociale of gezondheidsproblemen. Mensen met problematische schulden stellen zich vaak passief op en hebben lang niet altijd een financieel overzicht, al helemaal niet als er sprake is van meerdere schuldeisers. Zonder financieel overzicht is het nagenoeg niet mogelijk om tot een passende betalingsregeling te komen die ook wordt nagekomen. Bij het niet nakomen van een regeling komt een zaak alsnog voor de rechter en neemt de schuld nog verder toe.

Voor de rechter

Als een zaak toch voor de rechter komt laat 70 tot 80 procent van de debiteuren verstek gaan. Debiteuren die wel komen, hebben vaak de hoop dat zij daar alsnog een betalingsregeling krijgen en staan na afloop teleurgesteld buiten als blijkt dat dit niet mogelijk is en de vordering enkel in omvang is toegenomen na de zitting. Rechters kunnen in de zaak formeel niet anders dan een vonnis toewijzen. Daarbij toetsen ze enkel of de debiteur formeel moet betalen, niet of de debiteur kan betalen.

Denkrichtingen

De onderzoekers noemen verschillende denkrichtingen om een betalingsregeling te stimuleren en een rechtsgang te voorkomen. De denkrichtingen gaan gepaard met voor- en nadelen voor zowel crediteuren als debiteuren. Een hiervan is het instellen van een recht op een betalingsregeling voordat er incassokosten gerekend mogen worden. Met het verhogen van het griffierecht wordt de drempel om naar de rechter te stappen mogelijk hoger, stellen de onderzoekers. Ook het hulp zoeken wanneer er meerdere schuldeisers zijn, zodat de schuldeisers elk een deel van de aflossingscapaciteit krijgen en er passende regelingen kunnen worden getroffen kan debiteuren volgens de onderzoekers mogelijk helpen.