Bestuurlijke boetes en de VOG

Bestuurlijke boetes en de VOG

Samenvatting

In het advies van de Raad van State van 13 juli 2015 (Stcrt. 2015, 30280) worden over de verhouding tussen sanctiestelsels in het bestuursrecht en het strafrecht drie centrale thema’s behandeld. M.b.t. tot de bestuurlijke boete, oorspronkelijk bedoeld om lichte, veelvoorkomende en eenvoudig vast te stellen overtredingen te handhaven, wordt geconstateerd dat het steeds vaker ook wordt ingezet bij zware en complexe overtredingen. En soms worden hoge boetes gesteld op relatief lichte feiten. In het Nader rapport van 26 april 2018 (Stcrt. 2018, 31269) heeft het kabinet geconcludeerd dat bijsturing in de (ongerechtvaardigde) verschillen in de hoogtes van boetes nodig is. Ook ten aanzien van de verschillen in rechtsbescherming stelt het kabinet enkele maatregelen voor en laat onderzoek doen. Een van de onderzoeksonderwerpen is het, op termijn, betrekken van bestuurlijke boetes bij bepaalde Verklaring Omtrent Gedrag (VOG)-screenings. Het betrekken van deze boetes bij de VOG-beoordeling kunnen helpen om veiligheidsrisico’s beter in te schatten (en daarmee toekomstig dader- en slachtofferschap te voorkomen). Sommige bestuurlijke boetes zijn relevant als antecedent voor bepaalde risicoprofielen.
Met dit onderzoek wordt beoogd een eerste verkenning uit te voeren naar de behoefte en de (on)mogelijkheden om (bepaalde) bestuurlijke boetes -op termijn- te betrekken bij bepaalde VOG-screenings. Het gaat om welke bestuurlijke boetes (en) van welke bestuursorganen het meeste in aanmerking zouden komen om te worden betrokken bij bepaalde VOG-screenings en om welk VOG-screeningsprofiel het zou moeten gaan.

Onderzoekgegevens

Werktitel:
Bestuurlijke boetes en de VOG
Projectnummer:
3013
Operationele status:
Startfase